Winkelwagen

Les 34: Abstracte kunst en Abstract expressionistische kunst

Introductie

Tegen het einde van de 19de eeuw had een nieuwe generatie kunstenaars genoeg van het afbeelden van figuren op het doek en het beeldhouwen van standbeelden en portretten. Volgens hen was het doel van de kunstenaar om composities te creëren die de essentie van het object weergaven, in plaats van slechts een kopie. Dergelijke kopieën konden immers ook door fotografie worden gemaakt. Deze kunstenaars wilden in hun werk alleen nog maar gebruikmaken van ritme, kleuren, lijnen en vormen. Ze maakten kunstvoorwerpen los van wat mensen daadwerkelijk zagen. Het directe gevolg van deze nieuwe benadering was een abstracte voorstelling waarbij de zichtbare werkelijkheid vervaagde en werd vereenvoudigd. Er ontstond een kunstvorm zonder herkenbare voorstellingen, een fenomeen dat we niet eerder hadden gezien in de kunstwereld.
Het was waarschijnlijk een logisch vervolg op de impressionistische kunst. Ook de impressionisten hadden de regels en tradities van de schilderkunst naast zich neergelegd om vrij te kunnen werken met losse en snelle verfstreken. Zij lieten de voorstelling al enigszins los. De abstracte kunstschilders gingen echter veel verder en verlieten het pad van het figuratief schilderen, waarbij er altijd een verhaal zichtbaar was in de compositie.
In de lange periode dat de abstracte kunst de moderne kunststromingen leidde, kunnen we twee onderstromingen waarnemen: de geometrisch georiënteerde abstracte kunst en het abstract expressionisme.

Geometrisch georiënteerde abstracte kunst

De geometrisch georiënteerde abstracte schilderkunst is een vorm van abstracte kunst die wordt gekenmerkt door het gebruik van geometrische vormen, zoals driehoeken, rechthoeken en vierkanten. Het zijn gesloten vormen, wat betekent dat er op het doek geen lijnen met een open einde zijn; alles is met elkaar verbonden.

Kop (Portret van Toon Verhoef), een abstract schilderij uit 1925 van Lou Loeber.
Afbeelding: ‘Kop (Portret van Toon Verhoef)’, een gouache op paneel uit 1925, van de kunstenares Lou Loeber (1894-1983). Dit schilderij is een fraai voorbeeld van een werk dat zowel abstracte als figuratieve elementen combineert, waarbij alle lijnen met elkaar verbonden zijn. Het betreft een portret van Toon Verhoef, een schilder en schrijver die Loeber introduceerde in de wereld van de kubisten en het werk van Mondriaan. Verhoef heeft aanzienlijke invloed gehad op Loeber’s ontwikkeling als kunstenares, evenals haar Blaricumse buurman Bart van der Leck.
Locatie: Het schilderij maakt deel uit van de collectie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Foto: Ronnie Rokebrand.

Kazimir Malevitsj en het suprematisme

In de periode 1915 tot ongeveer 1930 ontwikkelde zich een abstracte kunststroming die men het suprematisme noemde. Aan de wieg van deze nieuwe kunststroming stond de Oekraïense kunstschilder Kazimir Malevitsj (1878/1879-1935). Hij vond dat je als kunstenaar niet de werkelijkheid moest weergeven, maar dat je door middel van de kunst de werkelijkheid juist moest scheppen. Malevitsj vereenvoudigde zijn vormen steeds meer en produceerde uiteindelijk een reeks schilderijen met als compositie slechts een zwart, een wit en een rood vierkant die tot op de dag van vandaag gelden als de iconen, de beginpunten van de geometrisch abstracte kunst.

Zwart vierkant, van Kazimir Malevitsj uit 1915
AfbeeldingEen bekend kunstwerk is het ‘Zwart vierkant’ dat de Oekraïense kunstschilder Kazimir Malevitsj (1879-1935) in 1915 op het schilderdoek aanbracht. De oorspronkelijke versie uit 1913 heette ‘Zwart op Wit’. Malevitsj, een Oekraïense kunstenaar met Poolse ouders, vond dat de hoogste vorm van kunst ontstond in volledige afwezigheid van het verstand. Daarom was hij alleen scheppend bezig met schilderijen die geen enkele relatie hadden met de natuur of de werkelijkheid. Malevitsj bleef werken aan de vereenvoudiging van de vormen die hij op het doek schilderde tot er uiteindelijk niets anders meer overbleef dan een zwart vierkant. Het schilderij ‘Zwart vierkant’ staat nu bekend als het meest kenmerkende suprematistische kunstwerk dat ooit is gemaakt. De beschouwers uit het begin van de twintigste eeuw waren diep geschokt toen zij dit kunstwerk voor het eerst zagen. Men noemde het de vormgeving van de absolute nul. In 2015 ontdekten onderzoekers, met röntgenstralen, enkele gekleurde letters en geometrische figuren onder de zwarte toplaag van het schilderij. Deze vormden de woorden ‘negergevecht’. Waarschijnlijk verwees Kazimir Malevitsj daarmee naar een schilderij van Alphonse Allais uit 1887 waarop hij dit schilderij baseerde.
Locatie: Het schilderij ‘Zwart vierkant’ van Kazimir Malevitsj hangt in het Russisch Museum (State Russian Museum), gelegen aan de Inzhenernaya Straat 4 in Sint-Petersburg, Rusland. Het hoofdgebouw van dit museum wordt gevormd door het Mikhailovski-paleis uit het begin van de 19de eeuw.

Met andere woorden, Malevitsj vond dat het gevoel de techniek in het leven riep, en niet andersom zoals de aanhangers van het constructivisme verklaarden. De aanhangers van het constructivisme vonden dat het hele leven juist beheerst werd door de techniek. Het constructivisme was vooral in Russische kunstkringen populair, maar ook onder psychologen en sociologen.
In het suprematisme werkten de kunstenaars vooral met geometrische figuren, waaronder de rechthoek, de cirkel en het vierkant.

Suprematisme-abstracte compositie, uit 1915, een schilderstuk van de Oekraïense kunstschilder Kazimir Malevich
Afbeelding: ‘Suprematisme-abstracte compositie’, uit 1915, een schilderstuk van de Oekraïense kunstschilder Kazimir Malevitsj. Het kunstwerk is opgebouwd uit geometrische figuren, waaronder een cirkel, rechthoeken, lijnen (in wezen zijn dit ook langwerpige rechthoeken) en vierkanten.
Locatie: Dit schilderij, een voorbeeld van het suprematisme, hangt in het Yekaterinburg Museum of Fine Arts in de Russische stad Yekaterinburg, de vierde grootste stad van Rusland. Dit kunstmuseum is gevestigd aan de Voevodina Street aan de oevers van de rivier de Iset.


Naar het veld II, uit 1928-1929, van de Oekraïense kunstschilder Kazimir Malevitsj. De Sovjets vonden het werk van  Malevitsj na 1928 in eens decadent. Voor die tijd ondersteunden ze de abstracte kunst. Met als gevolg dat hij zijn stijl aanpaste. Vanaf dat moment maakte hij meer figuratieve schilderijen met als belangrijkste thema het boerenleven. Hij componeerde deze schilderijen uit elementaire vormen, zoals goed te zien is op dit schilderij. Locatie: Dit bijzondere kunstwerk van Kazimir Malevitsj hangt aan de muren van het Russisch Museum (State Russian Museum) in de Russische stad Sint Petersburg.
Afbeelding: ‘Naar het veld II’, uit 1928-1929, van de Oekraïense kunstschilder Kazimir Malevitsj. De Sovjets vonden het werk van Malevitsj na 1928 ineens decadent. Voor die tijd ondersteunden ze de abstracte kunst. Dit had tot gevolg dat hij zijn stijl aanpaste. Vanaf dat moment maakte hij meer figuratieve schilderijen met als belangrijkste thema het boerenleven. Hij componeerde deze schilderijen uit elementaire vormen, zoals goed te zien is op dit schilderij.
Locatie: Dit bijzondere kunstwerk van Kazimir Malevitsj hangt aan de muren van het Russisch Museum (State Russian Museum), gelegen aan de Inzhenernaya Straat 4 in Sint-Petersburg, Rusland. Het hoofdgebouw bevindt zich in het 19de-eeuwse Mikhailovski-paleis.

Piet Mondriaan op zoek naar het universele

Het was tevens de tijd dat de kunstschilder Piet Mondriaan (1872-1944) zijn bijzondere composities vervaardigde. Tijdens zijn periode in Parijs bracht hij het gebruik van kleuren in zijn asymmetrische schilderijen terug tot de drie primaire kleuren rood, blauw en geel. Deze zette hij in zijn kunstwerken tegenover de niet-kleuren, zoals hij dat noemde, zwart, wit en grijs. 

Ruitencompositie met geel, zwart, blauw, rood en grijs, van Piet Mondriaan, uit 1921. Het hangt in het Art Institute of Chicago.
Afbeelding‘Ruitencompositie met geel, zwart, blauw, rood en grijs’. Piet Mondriaan schilderde dit kunstwerk in 1921. Een compositie bestaande uit de primaire kleuren geel, blauw en rood, en verder niets anders dan het neutrale zwart, grijs en wit. Dat waren de elementaire beeldmiddelen waarmee Mondriaan en veel andere abstract schilderende kunstenaars wilden werken.
Locatie: Dit schilderij van Mondriaan hangt in het Art Institute of Chicago, gelegen in Chicago’s Grant Park in het centrum van de stad. Het museum opende in 1879 voor het eerst haar deuren voor bezoekers.

Niet iedereen kon zijn werk waarderen. Veel bezoekers van zijn tentoonstellingen moesten lachen om zijn schilderijen; er waren echter ook toeschouwers die nadachten over de diepere betekenis in zijn kunstwerken. Ook Picasso begreep het werk van Mondriaan niet. Hij zei: “Wat moet die vent zich vervelen, hij schildert zijn hele leven hetzelfde schilderij.
Wat was het dan, dat hij een van de bekendste kunstschilders uit deze periode werd? Wat had Picasso niet gezien of begrepen?
Mondriaan bleef ongestoord zoeken naar wat hij noemde ‘het absolute’ ofwel ‘het geheel’. In samenspel met de vaste verticale en horizontale vormen bleef hij op zoek naar zijn ultieme doel: het universele. Zonder enige verbinding met het afbeelden van figuren en de zichtbare werkelijkheid. Alle menselijke emotie was uit zijn werk verdwenen, volstrekte tijdeloosheid was het resultaat. Deze volledig non-figuratieve stijl noemde hij het neoplasticisme. Mondriaan bereikte in zijn schilderijen het bijna onmogelijke: zich uitdrukken zonder enige expressie. De ultieme paradox!

Tableau, een abstract schilderij uit 1923 van Piet Mondriaan
Afbeelding: ‘Tableau’, een abstract schilderij uit 1923 van Piet Mondriaan. Hij was een aanhanger van de theosofie, een filosofie die naar harmonie zocht en ervan uitging dat alle godsdiensten en levensbeschouwingen dezelfde universele waarden belichaamden. Volgens Mondriaan kon dat in de kunst alleen zichtbaar worden als het individuele, in de vorm van figuratieve kunst, vervangen werd door abstracte kunst. Hij zei hierover: “Het meest volmaakte bestaat uit de geest, die is verticaal, mannelijk, en de materie: horizontaal en vrouwelijk.” Deze gedachte kun je in Mondriaans kunstwerken terugzien in de verticale lijnen (het geestelijke) en de horizontale lijnen (de materie, het aardse).
Locatie: Het schilderij ‘Tableau’ van Piet Mondriaan hangt in het Kunstmuseum Den Haag, op de Stadhouderslaan 41 in het westelijke deel van de wijk Zorgvliet in Den Haag. Het Kunstmuseum Den Haag heeft met zo’n 300 kunstwerken de uitgebreidste Mondriaanverzameling ter wereld. Het gebouw werd in 1935 ontworpen door architect Hein Berlage.

De Stijl, het terugbrengen van de werkelijkheid tot zijn eenvoudigste vormen

In Nederland hoorden naast Piet Mondriaan ook de Blaricumse kunstenaar Bart van der Leck (1876-1958) en Theo van Doesburg (1883-1931) bij deze stroming, hoewel zij wellicht beter pasten in de eerder beschreven kunststromingen die deel uitmaakten van de abstracte kunst, zoals de dada-beweging. Zij vonden zelf dat zij bij de beweging De Stijl hoorden, een kunststijl die in Nederland populair was bij toenmalige kunstenaars. Tot deze beweging behoorden ook kunstenaars zoals Vilmos Huszár (1884-1960), de ontwerper en architect van het Olympisch stadion in Amsterdam Jan Wils (1891-1970), de schrijver Antony Kok (1882-1969), de architect van het Nationaal Monument op de Dam in Amsterdam J.J.P. Oud (1890-1963), de architect en architectuurtheoreticus Robert van ‘t Hoff (1887-1979), de Belgische kunstenaar Georges Vantongerloo (1886-1965) en de meubelontwerper en architect Gerrit Rietveld. Zij hadden als gezamenlijk doel om de werkelijkheid in alle kunsten volledig terug te brengen tot zijn eenvoudigste vormen.

Twee meisjes (orgeldraaien), uit 1918 van de kunstschilder Chris Beekman (1887-1964). Hij schilderde deze meisjes, waarvan het voorste meisje aan een handorgel draait, in het Gooi. Chris Beekman was geen lid van De Stijl, maar voelde er zich wel aan verwant. Hij was dan ook goed bevriend met Bart van der Leck. Hij vereenvoudigde zijn kleurvlakken tot platte geometrische kleurvlakken, net als Bart van der Leck. Ook de invloed van het kubisme is in dit schilderij onmiskenbaar.Locatie: Dit schilderij van Chris Beekman is in het bezit van het Singer Museum, gelegen aan de Drift 1 in Laren (NH).
Afbeelding‘Twee meisjes (orgeldraaien)’, uit 1918, van de kunstschilder Chris Beekman (1887-1964). Hij schilderde deze meisjes, waarvan het voorste meisje aan een handorgel draait, in het Gooi. Chris Beekman was geen lid van De Stijl, maar voelde zich er wel aan verwant. Hij was dan ook goed bevriend met Bart van der Leck. Beekman vereenvoudigde zijn kleurvlakken tot platte geometrische kleurvlakken, net als Bart van der Leck. Ook de invloed van het kubisme is in dit schilderij onmiskenbaar.
Locatie: Dit schilderij van Chris Beekman is in het bezit van het Singer Museum, gelegen aan de Drift 1 in Laren (NH). Foto: Ronnie Rokebrand.

De principes van De Stijl waren van toepassing op de schilderkunst, maar evengoed op architectuur, design, muziek en beeldhouwkunst. De kunstenaars van De Stijl waren op zoek naar een beeldtaal die wereldwijd toepasbaar was. Volgens hen gaf de abstracte kunst de universele harmonie weer. Zij zochten door middel van hun nieuwe vormentaal de weg naar een ideale maatschappij. Vandaar dat hun kunstwerken vrolijk, vrij en levendig waren, want dat zagen zij als de menselijke idealen voor een toekomstige samenleving. Zij vonden dat het gebruik van primaire en heldere kleuren hier goed bij paste, zoals in hun kunstwerken duidelijk te zien is.

Bridgers, een abstract schilderij van Vilmos Huszar uit 1932-1933.
Afbeelding‘Bridgers’, van Vilmos Huszár uit 1932-1933. Vilmos Huszár was een pseudoniem voor Vilmos Herz, een Hongaarse kunstschilder en medeoprichter van het tijdschrift De Stijl. Door onderling geruzie vertrok hij in 1919 bij het tijdschrift De Stijl. Toch bleef hij jarenlang in de vormenstijl van De Stijl werken, zoals goed te zien is op bijgaand schilderij ‘Bridgers’. De primaire kleuren op een witte ondergrond doen denken aan het werk van zijn kunstbroeder Bart van der Leck.
Locatie: Het schilderij ‘Bridgers’ is in het bezit van een particuliere verzamelaar. Foto: Ronnie Rokebrand.

De kunstenaarsvereniging De Stijl werd vernoemd naar het gelijknamige tijdschrift waarin Theo van Doesburg de scepter zwaaide. Hoewel het tijdschrift De Stijl commercieel geen succes bleek, was de invloed op de kunstwereld groot, zowel in Nederland als daarbuiten. De kunstenaars brachten hun kunst terug tot rechte, verticale en horizontale lijnen in combinatie met het schilderen in zwart, wit en primaire kleuren. In de architectuur volgde Gerrit Rietveld deze kunstbeweging, met als resultaat het Rietveld-Schröderhuis dat in de periode 1923-1924 in Utrecht aan de Prins Hendriklaan 50 werd gebouwd. Zie voor meer informatie over deze bijzondere woning het hoofdstuk `Modernistische kunst en architectuur’.

Counter-composition XIV. Het betreft hier een dadaïstisch schilderij van Theo van Doesburg uit 1925. 
Afbeelding: ‘Counter-composition XIV’. Het betreft hier een schilderij van Theo van Doesburg uit 1925. In dit schilderij wilde hij de werkelijkheid terugbrengen tot haar eenvoudigste vormen. Van Doesburg was een voorstander van de diagonale lijn in een kunstwerk, terwijl Mondriaan daar streng tegen was. Dit verschil in kunstzinnige opvatting leidde tot het vertrek van Piet Mondriaan en Bart van der Leck uit De Stijl.
Locatie: ‘Counter-composition XIV’ van Theo van Doesburg bevindt zich in de Fundación Villanueva in de Venezolaanse hoofdstad Caracas.

Andere exponenten van de geometrisch georiënteerde abstracte kunst

Ook de Russische kunstenaar Vladimir Tatlin (1885-1953), de Russisch-Joodse kunstenaar El Lissitzky (1890-1941) en de Fransman Robert Delaunay (1885-1941) zijn bekende exponenten van de geometrisch georiënteerde abstracte kunst. Al gold ook voor deze kunstenaars dat men hen even goed bij andere kunststromingen kon inpassen die onder de algemene term van de abstracte kunst vielen. Men plaatste bijvoorbeeld Delaunay in zijn tijd vooral binnen de kunststroming van het kubisme.

De Eiffeltoren van Robert Delaunay, geschilderd in de periode 1924-1926.
Afbeelding: ‘De Eiffeltoren’, van de kunstschilder Robert Delaunay. Het abstracte schilderij stamt uit de periode 1924-1926. Toch zijn in dit kunstwerk kubistische en figuratieve trekjes waarneembaar. De Eiffeltoren is bijvoorbeeld als figuur goed herkenbaar.
Locatie: ‘De Eiffeltoren’ van Robert Delaunay hangt in het Hirshhorn Museum and Sculpture Garden, een kunstmuseum dat u kunt vinden aan de rand van de National Mall in Washington D.C. in de VS.


Optical Art ofwel de Op Art

Andere kunstenaars, zoals de Engelse schilderes Bridget Riley (1931), de Hongaarse kunstenaar Victor Vasarely (1908-1997), de Venezolaanse beeldhouwer en schilder Jesús Rafael Soto (1923-2005) en de Poolse schilder en graficus Henryk Berlewi (1894-1967) rekenden zichzelf tot de beweging van de Optical Art, die men ook de Op Art noemde. Zij lieten ons via hun kunst zien dat wat je ziet niet altijd is wat je denkt. Via hun kunstwerken wilden zij aantonen dat ons bewustzijn en ons denken gevangen zitten in wat we kennen en ervaren hebben. Wat we zien is niet meer dan een optische illusie, vandaar de naam Op Art. Ons referentiekader bepaalt in wezen wat wij zien en de waarheid vinden. In die zin is de waarheid niet meer dan een standpunt vanuit een bepaalde referentie. Hun kunstwerken kunt u onder meer vinden in het OpArtMuseum in Amsterdam.

De glas-in-lood-ramen van Victor Vasarely
Afbeelding: De glas-in-loodramen van Victor Vasarely in de Saint-François-d’Assise kerk in het Franse stadje Port Grimaud. Vasarely combineert kleurcontrasten met gelijksoortige geometrische figuren om een illusie van beweging te creëren. Hij maakt daarbij gebruik van het zogenoemde kleurperspectief, waarbij in dit geval de rode kleur optisch naar voren lijkt te komen tegen een blauwe achtergrond.
Locatie: De gebrandschilderde ramen vormen de vensters van de Saint-François-d’Assise kerk, de St. Franciscus van Assisi-kerk, in het Franse stadje Port-Grimaud. Dit kerkje kijkt uit over de haven van Grimaud.


Abstract expressionisme

Vanaf het begin van de Tweede Wereldoorlog kwam er een nieuwe kunststroming op gang die men het abstract expressionisme noemde. Rond het jaar 1960 was deze kunststroming over haar hoogtepunt heen.

Het abstract expressionisme en de kunstenaars

Veel van de Europese surrealisten en kubisten verlieten hals over kop hun vaderland na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Onder hen waren de surrealistische kunstenaars Marc Chagall, André Breton, Roberto Matta, André Masson en Max Ernst. Zij ontmoetten elkaar weer in New York, waar zij kennismaakten met een nieuwe generatie kunstschilders die zich verenigd hadden in de New York School. De belangrijkste exponenten waren Mark Rothko (1903-1970), Nell Blaine (1922-1996), Jackson Pollock (1912-1956) en de Nederlander Willem de Kooning (1904-1997). De New York School stond aan de basis van het abstract expressionisme. Voor het eerst sinds de precolumbiaanse periode had een kunststroming haar wortels op een van de Amerikaanse continenten. In eerste instantie werden hun abstracte kunstwerken niet overal gewaardeerd, maar nadat de Art of This Century Gallery in New York deze schilderijen begon tentoon te stellen, nam de waardering snel toe.
De Europeanen waren onder de indruk van de, in hun ogen, reusachtige schilderijen die in de VS werden gemaakt. Geïnspireerd door de muurschilders uit Midden- en Zuid-Amerika werkten ze met grote doeken. Het woord ‘afbeeldingen’ doet echter geen recht aan hun manier van schilderen, die zich vooral richtte op kleuren en textuur.
Ook in Europa kwam deze stijl in de belangstelling van veel kunstschilders te staan. De Cobra-beweging is hier een goed voorbeeld van, met onder andere de kunstschilders Karel Appel (1921-2006), Corneille (1922-2010) en Constant Nieuwenhuys (1920-2005).
Rond 1960 nam het belang van de abstract expressionistische kunst af en kwam de popart meer in de belangstelling van de kunstwereld te staan. Als kunststroming is het abstract expressionisme echter nooit verdwenen. Tot op de dag van vandaag zijn er veelbelovende kunstenaars die deze kunststroming op geheel eigen wijze volgen.

Staand figuur en liggende vrouw van Willem de Kooning in Rotterdam
Afbeelding: Staand figuur’ en op de achtergrond De zittende vrouw’, van de abstract expressionistische kunstenaar Willem de Kooning.
Locatie: Deze kunstwerken van Willem de Kooning staan aan de Rotterdam Weena in de stad Rotterdam.

Action painting, focus op de handeling

Een aantal abstract expressionistische kunstenaars bracht ogenschijnlijk zonder doel de verf op het canvas aan. De schilderijen van Jackson Pollock (1912-1956) zijn hier beroemd om geworden. Hij slingerde als het ware de verf op het doek en noemde zijn schilderijen drippings. Hierin sloot deze kunstenaar aan bij de gedachten van de dada-beweging, die ook het toeval prevaleerde boven het bedenken van een compositie. Men noemde zijn werk, en ook dat van Willem de Kooning, action painting, maar tegenwoordig scharen wij dit eveneens onder het abstract expressionisme. Toch gaf Jackson Pollock aan dat zijn schilderijen niet geheel door toeval ontstonden, maar dat hij altijd een gedachte had hoe het schilderstuk uiteindelijk vorm zou krijgen. Al zat er volgens hem geen begin of einde aan zijn levendige kunstwerken. Pollock was getrouwd met Lee Krasner (1908-1984), eveneens een abstract expressionistische kunstenares.

Action painting, van de kunstschilder Jackson Pollock
Afbeelding‘Action Painting I’, van de kunstschilder Jackson Pollock. Hij creëerde deze compositie door stokjes en verharde penselen in verf te dopen en zijn lichaam vervolgens boven en rond het canvasdoek op de vloer te bewegen. De verf druppelde in strengen, spetters en plassen op het canvas met dit schilderij ‘Action Painting I’ als resultaat.
Locatie: Dit schilderij maakt deel uit van de collectie van het Museum of Modern Art (MoMA), gelegen aan de zuidoostzijde van Central Park in Manhattan in New York in de VS.

Ook de kunstschilders Franz Kline (1910-1962), Clyfford Still (1904-1980) en Bradley Walker Tomlin (1899-1953) waren action painters.
Natuurlijk waren er veel verschillen tussen de kunstenaars. Gezamenlijk voelden zij echter de behoefte om de beschouwers te inspireren en te confronteren, maar ook onderdeel te laten uitmaken van de kunst. Zij maakten zich niet meer druk om de figuratieve objecten op hun schilderij, maar concentreerden zich op de handeling en vervolgens op de beeldende uitdagingen die het schilderen en de compositie met zich meebracht.

Colorfield painting, inspiratie door kleur

Barnett Newman (1905-1970), Mark Rothko (1903-1970) en Morris Louis (1912-1962) richtten zich in hun schilderwerken veel meer op de rol van de kleuren om hun toeschouwers te inspireren. Men noemde dit ook wel colorfield painting.

Oranje en bruin, uit 1954 van Mark Rothko
Afbeelding‘Oranje en bruin’, een goed voorbeeld van colorfield painting van de Letse kunstenaar Mark Rothko. Hij schilderde dit kunstwerk in 1954. Met zijn werk wilde hij de menselijke gevoelens uitdrukken.
Locatie: ‘Oranje en bruin’ werd door Enid A. Haupt geschonken aan de National Gallery of Art aan de National Mall in Washington in de VS. Hier kunt u het bezichtigen.

Door het aanbrengen van grote kleurvlakken wilden zij dat de beschouwers door het kijken naar de kleuren zich konden focussen op hun innerlijk. Om dit effect te versterken schilderden zij op grote doeken. De grenzen tussen de kleuren waren vaak wat mistig, zodat de kleuren in elkaar overliepen. Bovendien werden de kleurvlakken met het penseel geschilderd, waarmee zij ook binnen een kleur nuances aanbrachten.

Who's Afraid of Red, Yellow, and Blue IV, uit 1970 van Barnett Newman
Afbeelding: ‘Who’s Afraid of Red, Yellow, and Blue IV’, van Barnett Newman uit 1969-1970. Het was het laatste kunstwerk dat Barnett Newman vervaardigde voordat hij overleed.
Locatie: Dit kunstwerk van Barnett Newman hangt in de National Galerie in de Duitse hoofdstad Berlijn.

Post-painterly abstraction, een open en heldere stijl

De term Post-painterly abstraction werd bedacht door de kunstcriticus en essayist Clement Greenberg (1909-1994) voor een tentoonstelling van kunstwerken van Amerikaanse en Canadese kunstenaars in het Los Angeles County Museum of Art in 1964.
In zijn essay voor de catalogus maakte Greenberg onderscheid tussen het abstract expressionisme en het artistieke werk van kunstenaars als Gene Davis (1920-1985), Paul Feeley (1910-1966), John Ferren (1905-1970), Sam Francis (1923-1994), Alfred Jensen (1903-1981), Morris Louis (1912-1962), Jules Olitski (1922-2007), Frank Stella (1936-) en Helen Frankenthaler (1928-2011). Sommige van deze kunstenaars werkten in de voetsporen van Jackson Pollock en Willem de Kooning, anderen volgden de kunstenaars van de Colourfield painting. Frank Stella (1936-) legde met zijn ‘Black Paintings’ het fundament voor de latere minimalistische beweging.
Deze kunstenaars onderscheiden zich echter van de Colourfield painting door een meer open en heldere stijl, dit in tegenstelling tot de dicht geschilderde oppervlakken van de kunstwerken van de Colourfield painting.

Black Rhythm, van Gene Davis. Het hangt op het hoofdkantoor van het Central Intelligence Agency.
Afbeelding: ‘Black Rythm’, uit 1964, van de kunstschilder Gene Davis. In een bewuste poging om zijn werk te ‘zuiveren’, reduceerde hij de schilderkunst tot zo min mogelijk elementen, namelijk strepen van gelijke breedte. Zoals hij zelf verklaarde: “Ik schilder met het oog zoals een jazzmuzikant op het gehoor speelt.”
Locatie: Dit schilderij van Gene Davis hangt op het hoofdkantoor van de CIA in Langley, in de staat Virginia in de VS.

Afbeelding bovenaan deze pagina: ‘Bureau en kamer’, van de kunstschilder Kazimir Malevitsj.
Locatie: Dit abstracte schilderij hing in het Stedelijk Museum aan het Museumplein 10 in Amsterdam. In 2008 moest het museum dit schilderij teruggeven aan de erfgenamen van Malevitsj. Het is niet bekend waar het schilderij zich op dit moment bevindt.

Mijn naam is Piet Mondriaan. Ik werd in 1872 geboren in Amersfoort en overleed in 1944 in New York. Mijn carrière begon, net als bij zoveel anderen, met het schilderen van impressionistische landschappen, stillevens en figuratieve schilderijen. Ik werd in die tijd beïnvloed door het theosofische gedachtegoed, dat streefde naar een harmonie en balans in kunst die de universele orde weerspiegelde. Uiteindelijk streefde ik naar een universele vorm van schoonheid door middel van een minimalistische visuele taal.

Samenvatting abstracte kunst door Piet Mondriaan

“Mijn naam is Piet Mondriaan. Ik werd in 1872 geboren in Amersfoort en overleed in 1944 in New York. Mijn carrière begon, net als bij zoveel anderen, met het schilderen van impressionistische landschappen, stillevens en figuratieve schilderijen. Ik werd in die tijd beïnvloed door het theosofische gedachtegoed, dat streefde naar een harmonie en balans in kunst die de universele orde weerspiegelde. Uiteindelijk streefde ik naar een universele vorm van schoonheid door middel van een minimalistische visuele taal. Ik was daar behoorlijk halsstarrig in en kreeg zelfs ruzie met mijn vriend Theo van Doesburg, waarmee ik de kunstbeweging De Stijl oprichtte. Ik was woest, omdat hij in zijn kunstwerken schuine lijnen gebruikte in plaats van horizontale en verticale lijnen. In de kunstbeweging de Stijl streefden wij naar een radicale vereenvoudiging van vorm en kleur, en zochten we naar een nieuwe artistieke uitdrukking door abstractie. Men beschouwd mij in uw tijd als een pionier van de abstracte kunst. Mijn nadruk op eenvoud, geometrische vormen en primaire kleuren heeft een blijvende impact gehad op de ontwikkeling van de moderne kunst, maar had ook invloed op de wereld van het design en de architectuur. Op deze plek geef ik een samenvatting van de les over de abstracte kunst en de abstract expressionistische kunst die u zojuist heeft gevolgd. Aan het eind van de 19de eeuw ontstond een nieuwe generatie kunstenaars die afstand nam van het afbeelden van figuren en portretten, zoals de fotografie dat kon. Wij wilden in onze kunst alleen ritme, kleuren, lijnen en vormen gebruiken, los van wat mensen daadwerkelijk zagen. Dit leidde tot de opkomst van abstracte kunst: een kunstvorm zonder voorstelling, een nieuw fenomeen in de kunstwereld. Deze ontwikkeling was een voortzetting van de impressionistische kunst, waarbij de voorstelling al enigszins losgelaten werd. De abstracte kunst evolueerde verder weg van het figuratieve, waarbij de compositie altijd een verhaal toonde. Binnen de abstracte kunst kunnen twee stromingen worden onderscheiden: geometrisch georiënteerde abstracte kunst en het abstract expressionisme. In de geometrisch georiënteerde abstracte kunst draait het om het gebruik van geometrische vormen. Onder leiding van Kazimir Malevitsj ontwikkelde het suprematisme zich tussen 1915 en 1930. Malevitsj streefde ernaar werkelijkheid te scheppen door middel van kunst, met iconische schilderijen van simpele zwarte, witte en rode vierkanten. In mijn werk zocht ik vooral naar 'het absolute' of 'het geheel', door het gebruik van primaire kleuren tegenover niet-kleuren. Ik streefde naar volstrekte tijdloosheid en non-figurativiteit in wat men toen de `nieuwe beelding’ noemde, een nieuwe verbeelding van de werkelijkheid. De Stijl-groep, waaronder mijn vrienden Bart van der Leck en Theo van Doesburg, streefde ernaar de werkelijkheid terug te brengen tot de eenvoudigste vormen in verschillende kunstdisciplines, waarbij primaire kleuren een grote rol speelden. Het abstract expressionisme ontstond rond de Tweede Wereldoorlog, met invloedrijke kunstenaars zoals Mark Rothko, Jackson Pollock en Willem de Kooning, verenigd in de New York School. Deze stroming legde de nadruk op kleuren en textuur en was gericht op inspiratie en confrontatie met de toeschouwer. Action painting vormde een onderdeel van het abstract expressionisme, waarbij kunstenaars als Jackson Pollock verf op het doek slingerden, creërend wat bekend staat als 'drippings'. Deze stijl benadrukte de handeling van het schilderen zelf. Kunstenaars als Barnett Newman en Mark Rothko schilderden in de stijl van de colorfield painting. Zij focusten op het gebruik van grote kleurvlakken om toeschouwers op hun innerlijk te laten reflecteren, met vage grenzen tussen kleuren. Clement Greenberg introduceerde in 1964 de post-painterly abstraction. Deze stijl kenmerkte zich door een meer open en heldere aanpak dan het colorfield painting. Kunstenaars zoals Frank Stella en Helen Frankenthaler stonden bekend om deze stijl, die later het fundament vormde voor de minimalistische beweging.”

 

Uit de verstrekte informatie over de abstracte en abstract expressionistische kunst zijn vijf oefenvragen gedestilleerd met de bijhorende antwoorden:

Oefenvragen

  1. Wat was het doel van de kunstenaars die de abstracte kunst introduceerden?
  2. Hoe definieerde Kazimir Malevitsj het suprematisme in zijn kunst?
  3. Op welke manier verschilde Piet Mondriaan’s benadering van abstracte kunst van die van Kazimir Malevitsj?
  4. Wat is het kenmerk van het abstract expressionisme en wie waren enkele belangrijke vertegenwoordigers?
  5. Hoe onderscheidt post-painterly abstraction zich van colourfield painting?

 

Antwoorden

  1. De kunstenaars die de abstracte kunst introduceerden, streefden ernaar om composities te maken die de kern van het object weergaven, gebruikmakend van ritme, kleuren, lijnen en vormen, los van de werkelijkheid.
  2. Kazimir Malevitsj zag suprematisme als een kunstvorm die de werkelijkheid niet weergaf, maar juist schiep. Hij vereenvoudigde zijn vormen tot uiteindelijk enkele geometrische figuren, zoals het beroemde “Zwart Vierkant”.
  3. Piet Mondriaan’s benadering van abstracte kunst draaide om het terugbrengen van kleuren tot de drie primaire kleuren en het creëren van asymmetrische composities, in tegenstelling tot Malevitsj die meer nadruk legde op geometrische eenvoud en suprematie van vorm.
  4. Het abstract expressionisme richtte zich meer op de kleuren en textuur in plaats van op de figuratieve vorm. Belangrijke vertegenwoordigers waren onder meer Jackson Pollock, Mark Rothko en Willem de Kooning.
  5. Post-painterly abstraction onderscheidt zich van colourfield painting door een meer open en heldere stijl, met minder dicht geschilderde oppervlakken, wat resulteert in een zuiverder en minimalistischer uitstraling.

Delen:

Facebook
Twitter
Pinterest
LinkedIn
Bureau en kamer, van de kunstschilder Kazimir Malevitsj

Inhoudsopgave

Copyright © 2022. All Rights Reserved

error: Content is protected !!

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.