Winkelwagen

Les 19: Neoklassieke kunst

Vanaf 1760, maar zeker na het uitbreken van de Franse Revolutie in 1789, volgde er een reactie op het weelderige uiterlijk van de barokgebouwen. Men viel in de architectuur terug op de oude, bekende Griekse en Romeinse vormen. Vandaar dat men deze nieuwe richting de neoklassieke stijl noemde, een stijl die vooral overheerste bij de bouw van ruime woningen voor de welgestelden en bij openbare gebouwen. Net als tijdens de renaissance wilden de kunstenaars met hun kunstvoorwerpen terug naar de basisprincipes uit de oud-Griekse kunst en de Romeinse kunst.

Het ruiterstandbeeld van Lodewijk XIV dat sinds 1835 het Place bellecour in Lyon domineert
Afbeelding: Het ruiterstandbeeld van Lodewijk XIV (1638-1715), de zonnekoning, dat het Place Bellecour in de Franse stad Lyon domineert. Het is in 1825 gemaakt door de Franse beeldhouwer François-Frédéric Lemot (1772-1827) in de neoklassieke kunststijl. Het ruiterstandbeeld van Lodewijk XIV is 18 meter hoog en was daarmee het grootste bronzen standbeeld van zijn tijd. De klassieke kenmerken zijn overal zichtbaar, onder meer in de manier waarop het paard staat, de Romeinse kledij, het zwaard in de schede op zijn linker heup en de lauwerkrans op het hoofd van de zonnekoning. 
Locatie: Dit ruiterstandbeeld staat op het Place Bellecour in het centrum van de Franse stad Lyon. ©Ronnie Rokebrand.

Classicisme

Hetzelfde gold voor de periode 1650  tot 1720 toen de oud-Griekse en Romeinse vormentaal uitstekend aansloot bij de toen heersende filosofie van de Verlichting, waarin de `rede’, het verstand, als belangrijkste uiting van de mens werd gezien, evenals helderheid en eenvoud. Deze periode noemde men het classicisme en ontwikkelde zich in dezelfde tijd als de barok.

Het classisitische landgoed Oldengaerde uit het jaar 1717.
Afbeelding: Het 15de-eeuwse Landgoed Oldengaerde in het Drentse Westeinde bij Dwingeloo. Dit landgoed werd in 1717 verbouwd in de stijl van het classisme. De classicistische stijl is onder meer herkenbaar aan de strakke lijnen, het timpaan in de voorgevel en de halfzuilen met Ionische kapitelen tegen de voorgevel. Deze halfzuilen worden ook wel pilasters genoemd en werden bijvoorbeeld ook door de barokke beeldhouwer Bernini tegen de gevels van de Sint-Pieter in Rome gemetseld. 
Locatie: Het Landgoed Oldengaerde staat in het plaatsje Westeinde bij Dwingeloo, gelegen in de provincie Drenthe. ©Ronnie Rokebrand.

Een bekend gebouw in de Hollandse classicistische stijl in Nederland is het Paleis op de Dam in Amsterdam.

Het neoklassieke schilderij `Het stadhuis op de Dam,' uit 1672 van Gerrit Adriaenszoon Berckheyde van
Afbeelding: Het classicistische stadhuis op de Dam in Amsterdam, van de kunstschilder Gerrit Adriaenszoon Berckheyde (1638 -1698) dat hij in 1672 schilderde. Tegenwoordig fungeert het als het paleis op de Dam en doet het dienst als ontvangstruimte van de koninklijke familie. Het gebouw is een voorbeeld van het Hollands classicisme, al heeft het al de kenmerken van de hierna volgende neoklassieke stijl, zoals de strakke lijnen, het vooruitstekende front en de driehoekige timpaan met beeldhouwwerk boven het centrale deel van het gebouw. Het gebouw is ontworpen en gebouwd onder leiding van Jacob van Campen in de periode 1648-1655. Het stadhuis vormde het symbool van de macht van de regenten, de bestuurders van de stad Amsterdam. Hiermee presenteerde de stad zich als het centrum van de macht in Nederland en de rest van de wereld. Bijzonder is het ontbreken van een groot bordes en een brede trap met een entree voor een koning. Integendeel, het gebouw bevat zeven kleine bogen die de toegang tot het stadhuis vormen, zodat iedereen op gelijkwaardige voet naar binnen trad. 
Locatie: Dit schilderij van het stadhuis in Amsterdam, het huidige paleis op de Dam, hangt in het Rijksmuseum in Amsterdam.

De Engelse landschapstuinen en landhuizen

In deze periode ontstonden ook de Engelse landschapstuinen. De tuinarchitecten hadden genoeg van de strakke, rechtlijnige figuren zoals die in de tuinen van Versailles werden toegepast. In de onbuigzame en strenge lijnen van de tuinen van Versailles zag je de normen, waarden en strakke regels terug van de absolute vorst, de zonnekoning Lodewijk XIV. In plaats daarvan ontwierp men in Engeland asymmetrische tuinen met slingerende paden en waterpartijen met doorkijkjes op een Magna Charta, een tempel met daarin vaak een beeld van een Britse beroemdheid, of een vrijheidsmonument. De tuinen moesten de schoonheid van de natuur en de alom gekoesterde vrijheid weerspiegelen. Dat was dan wel de vrijheid van de heersende klasse, want de eenvoudige boeren en ambachtslieden waren zeker niet vrij in deze beginjaren van de 18de eeuw. 
Het bijzondere van deze tuinen is dat het ontwerp lijnrecht tegenover de bouwstijlen leek te staan. Het barokke Kasteel van Versailles kenmerkte zich door weelderige vormen. Het toonde zich aan het publiek met een bontheid aan vormen, scheve en golvende lijnen, een sterk aanwezig realisme en een grote intensiteit in het uitdrukken van gevoel. Dit in tegenstelling tot de strakke, strenge en vormelijke tuin van het Kasteel van Versailles, waarin overigens wel barokke beelden en fonteinen stonden. In Engeland ontwierp men een tegengestelde tuin met veel meer vrijheid in het ontwerp, maar al wel met neoklassieke kenmerken, zoals het tempeltje. Terwijl de naderende neoklassieke kunststroming veel meer terugviel op de rechte lijnen uit de klassieke periode.
De Engelse landschapstuinen bevonden zich vaak bij een landhuis dat men ook wel een (neo)palladiaanse villa noemde. Deze villa’s waren vernoemd naar de Italiaanse architect Andrea Palladio (1518-1580) die een beroemd boek schreef  over de regels in de bouwkunde. Deze 16de-eeuwse regels werden nauwgezet toegepast in de 18de-eeuwse landhuizen van de Engelse aristocratie. Met de bouw van deze woningen toonden zij hun sociale status aan hun omgeving. 

De Engelse tuin van Caserta, gelegen bij de Italiaanse stad Caserta, van de Duitse kunstschilder Jacob Philipp Hackert
Afbeelding: Een rivierlandschap met elementen van de Engelse tuin, gelegen bij het Italiaanse paleis van Caserta. Het schilderij is van de hand van de Duitse kunstschilder Jacob Philipp Hackert (1737-1807). Een deel van deze bijzondere tuin is in de barokstijl ontworpen, maar het deel op dit schilderij van Hackert is een voorbeeld van een Engelse landschapstuin, zoals te zien is aan het golvende pad, het meanderende water en het tempeltje voor een beroemdheid.
Locatie: Dit voorbeeld van een Engelse landschapstuin vindt u rondom het Paleis van Caserta, bij het gelijknamige Italiaanse stadje. Het schilderij is in het bezit van de National Trust, formeel de National Trust for Places of Historic Interest or Natural Beauty,  een liefdadigheids- en ledenorganisatie voor het behoud van erfgoed in Engeland, Wales en Noord-Ierland. Schotland heeft een eigen afdeling. 

Neoklassieke ofwel neoclassicistische kunst

Van 1760 tot ongeveer 1850 kwam een `nieuwe stijl’  in de belangstelling. In plaats van de rondvormige krullen uit de barok-periode viel men weer terug op de rechte lijnen die men in de klassieke kunsten gewend was. Men noemde deze `nieuwe’ stijlperiode de periode van de neoklassieke kunst, ook wel de neoclassicistische kunst genoemd. Het was niet zo dat men de kunst van de oud-Grieken en Romeinen blindelings namaakte, integendeel. De neoklassieken gaven er een eigen draai aan met behoud van de klassieke waarden, zoals goedheid en zuiverheid. 
De `klassieken’ bleven vanaf toen tot in de huidige tijd van groot belang in de architectuur en in andere kunstuitingen, zoals de schilderkunst en de beeldhouwkunst. 

Neoklassieke architectuur

In de Verenigde Staten duurde deze periode nog langer, en werd het kenmerkend voor de openbare gebouwen van bijna alle staten. Bekende voorbeelden zijn het Witte Huis, de residentie van de president, en het Capitool in Washington. Het Capitool is tot op de dag van vandaag de zetel van de volksvertegenwoordiging van de VS.

De westzijde van het Capitool in Washington, gebouwd in de neoklassieke stijl i de periode 1793-1811. In  1815 en in 1850 werd het gebouw uitgebreid.
Afbeelding: De westzijde van het Capitool in Washington, gebouwd in de neoklassieke stijl in de periode 1793 tot 1811. In 1815 en in 1850 werd het gebouw hersteld en uitgebreid. De vele zuilenrijen staan symbool voor de neoklassieke architectuur.
Locatie: De westzijde van het Capitool in Washington in de VS. Het neoklassieke gebouw dat de volksvertegenwoordiging herbergt staat bovenop Capitol Hill, gelegen aan de oostkant van de National Mall.

De zuilenrijen afgetopt met een driehoekig timpaan stonden – en staan – symbool voor de neoklassieke stijlperiode ofwel het neoclassicisme. Een timpaan is in de bouwkunst het driehoekige gevelveld tussen de dakrand, vaak boven de toegangsdeur van een gebouw, en de schuin oplopende daklijsten van een gebouw. Zie de afbeelding hieronder. In de vroege middeleeuwen was het timpaan vaak rond en tijdens de gotiek soms spitsbogig. In deze twee periodes troonden ze boven de toegangsdeur van een kerkgebouw, versierd met beeldhouwwerk.

De noordkant van het Witte Huis in Washington is een fraai voorbeeld van neoklassieke architectuur.
Afbeelding: De noordkant van het Witte Huis in Washington, de woning van de president van de VS. De buitenzijde is versierd met pilaren en is van boven afgezoomd met een driehoekig timpaan. Het is een fraai voorbeeld van neoklassieke architectuur. 
Locatie: Het Witte Huis staat in Washington D.C. in de VS en is de ambtswoning van de president van de VS. Het gebouw staat aan de noordkant van de National Mall.

President Thomas Jefferson bouwde het Capitool van de staat Virgina. Als model gebruikte hij het Maison Carée in de Franse stad Nimes, een van de best bewaarde Romeinse tempels van het voormalige Romeinse Rijk. 
Een andere belangrijke impuls voor deze stijlperiode, naast het uitbreken van de Franse Revolutie, waren de opgravingen van de stad Pompeï in 1748. Hier maakte men hernieuwd kennis met de klassieke periode en groeide wereldwijd de interesse voor de klassieke tijd, zo ook bij de kunstenaars die in die periode leefden.
Ook Napoleon Bonaparte zag de Romeinse keizers als zijn grote voorbeelden toen hij zich in 1804 tot Franse keizer liet kronen en hij vond, net als zijn Romeinse voorgangers, dat keizers als helden dienden te worden vereerd. Hij liet zelfs triomfbogen bouwen, geheel in de traditie van de Romeinen. Beroemd is de Arc de Triomphe. Deze triomfboog, direct geënt op de Romeinse triomfbogen, is in 1806 gebouwd ter ere van de overwinning van Napoleon bij Austerlitz en is nu een van de bekendste bouwwerken van Parijs. De bouwwerkzaamheden aan deze 50 meter hoge triomfboog namen 30 jaar in beslag.

De neoklassieke Arc de Triomphe op een gouache uit circa 1930 van de Franse impressionistische kunstschilder Eugène Galien-Laloue (1854-1941). Deze schilder werd vooral bekend om zijn stadsgezichten van Parijs. Dit is geen neoklassiek schilderij, maar een impressionistisch kunstwerk. Toch laat ik deze graag zien, omdat het de Arc de Triomphe fraai in zijn vooroorlogse jaren toont. Tegenwoordig omcirkelen dagelijks duizenden auto's dit voorbeeld van de neoklassieke architectuur.
Locatie: Deze gouache van Eugène Galien-Laloue is in het bezit van een privéverzamelaar. In de literatuur staat deze gouache gedateerd op 1941. Toch denk ik eerder aan de jaren dertig, omdat er uit die tijd meer schilderijen en gouaches van zijn hand bekend zijn met dit onderwerp. Bovendien brak hij eind 1940 zijn arm en stierf hij op 18 april 1941 op 86-jarige leeftijd. Gezien de herfstachtige omgeving lijkt 1941 dus niet waarschijnlijk. 
Afbeelding: De neoklassieke Arc de Triomphe op een gouache uit circa 1930 van de Franse impressionistische kunstschilder Eugène Galien-Laloue (1854-1941). Deze schilder werd vooral bekend om zijn stadsgezichten van Parijs. Dit is geen neoklassiek schilderij, maar een impressionistisch kunstwerk. Toch laat ik deze graag zien, omdat het de Arc de Triomphe fraai in zijn vooroorlogse jaren toont. Tegenwoordig omcirkelen dagelijks duizenden auto’s dit voorbeeld van de neoklassieke architectuur.
Locatie: Deze gouache van Eugène Galien-Laloue is in het bezit van een privéverzamelaar. In de literatuur staat deze gouache gedateerd op 1941. Toch denk ik eerder aan de jaren dertig, omdat er uit die tijd meer schilderijen en gouaches van zijn hand bekend zijn met dit onderwerp. Bovendien brak hij eind 1940 zijn arm en stierf hij op 18 april 1941 op 86-jarige leeftijd. Gezien de herfstachtige omgeving lijkt 1941 dus niet waarschijnlijk. 

Het belangrijkste neoklassieke gebouw in Duitsland is zonder twijfel de Brandenburger Tor in de Duitse hoofdstad Berlijn. Het is de belangrijkste poort in Berlijn en werd in de periode 1788 tot 1791 gebouwd. De toegangspoort van de Akropolis in Athene diende als model voor deze poort die als toegang fungeerde tot het 18de-eeuwse centrum van Berlijn.

De neoklassieke Brandenburger Tor in Berlijn werd gebouwd in de periode 1788-1791.
Afbeelding: De 26 meter hoge Brandenburger Tor is een goed voorbeeld van de neoklassieke bouwstijl. Het werd gebouwd in de periode 1788 tot 1791 in de stijl van de klassieke toegangspoort van de Akropolis in Athene. Op de toren staat een Griekse strijdwagen met daarop de godin Victoria. Het betreft hier een kopie, omdat het oorspronkelijke beeld tijdens de Tweede Wereldoorlog werd verwoest.
Locatie: De Brandenburger Tor staat in het centrum van de Duitse hoofdstad Berlijn. Tijdens de Koude Oorlog lag het op de grens van Oost- en West-Berlijn.

In Engeland ontwierp de architect Robert Adam (1728-1792) het Syon House, een ontwerp dat hij in 1762 baseerde op de klassieke gebouwen die hij tijdens een bezoek aan Italië had gezien. 

Het neoklassieke Syon House, ontworpen door Adams.
Afbeelding: Het neoklassieke Syon House. Door gebrek aan geld bouwde men het gebouw nooit helemaal af volgens het oorspronkelijke ontwerp van Robert Adam. Het Syon House is eigendom van de hertog van Northumberland.
Locatie: Het Syon House ligt in het Syon Park House Estate, een 80 hectare groot landschapspark in West-Londen. 

Het ontwerp moest van Adam zo precies worden uitgevoerd dat de ambachtslieden klaagden dat zij geen invloed meer hadden op de bouwwerkzaamheden. Deze discussies tussen  kunstenaars en ambachtslieden werd beslecht met de oprichting van de Royal Academy of Arts in 1768, in navolging van de Academie Royale in Parijs, waarmee de voorname positie van de kunstenaars en architecten werd onderschreven.
In de Oostenrijkse hoofdstad Wenen werd in 1870 het concertgebouw van Wenen geopend ten behoeve van de Wiener Musikverein. De architect Theophil Hansen ontwierp dit neoklassieke bouwwerk. De Grote Musikvereinssaal, ook wel de Gouden Zaal genoemd, geldt als een van de mooiste en akoestisch beste concertzalen van de wereld. De meeste mensen kennen deze zaal van het nieuwjaarsconcert van het Wiener Philharmoniker dat jaarlijks wereldwijd op de televisie wordt uitgezonden. 

Het neoklassiek concertgebouw in Wenen uit 1870
Afbeelding: Het neoklassieke concertgebouw van Wenen uit 1870 van de architect Theophil Hansen. De timpanen boven de kozijnen en de halfzuilen (pilasters) tegen de voorgevel zijn typerend voor de neoclassicistische bouwstijl. 
Locatie: Dit concertgebouw staat aan het Musikvereinsplatz in het centrum van de Oostenrijkse hoofdstad Wenen. ©Ronnie Rokebrand.

Dankzij de innovaties tijdens de Industriële Revolutie kregen de architecten nieuwe materialen tot hun beschikking, zoals staal en gietijzer, die zij in hun gebouwen gingen gebruiken. Deze materialen waren sterk en relatief goedkoop te produceren. Een goed voorbeeld van het gebruik van staal en gietijzer vindt u in het hoofdpostkantoor in Ho Chi Minh City, het vroegere Saigon.

Het neoclassicistische hoofdpostkantoor in Ho Chi Minh City uit de periode 1886-1891
Afbeelding: Het neoclassicistische hoofdpostkantoor in Ho Chi Minh City, het voormalige Saigon, met een gietijzeren en stalen constructie. Op de achtergrond ziet u het portret van Ho Chi Minh (1890-1969), de voormalige revolutionaire leider en president van Noord-Vietnam. Het gebouw werd tussen 1886 en 1891 ontworpen en gebouwd door de Franse architecten Alfred Foulhoux en Auguste Henri Vildieu, al zal men u in Vietnam vertellen dat Gustave Eiffel de ontwerper was. 
Locatie: Het hoofdpostkantoor is vrij te bezoeken in het centrum van de Vietnamese stad Ho Chi Minh. ©Ronnie Rokebrand.

Binnen de architectuur kwam men echter nog niet tot nieuwe en innovatieve ontwerpen. Het nieuw gebouwde Britse parlementsgebouw, in die tijd toch het centrum van de Industriële Revolutie, bouwde men met nieuwe materialen, maar gewoon in de neoklassieke stijl. De architect Sir Charles Barry greep echter niet terug op de Griekse en Romeinse voorbeelden, maar hij ontwierp een neogotisch gebouw. Daarmee behoort het Engelse parlementsgebouw eveneens tot de neoklassieke architectuur. Het woord neoklassiek wordt dus ruimer opgevat, dan alleen een verwijzing naar de klassieken, maar ook naar andere kunststromingen uit het verleden, zoals in dit geval de gotiek. Een ander fraai voorbeeld van neogotiek is de Sint-Nicolaaskathedraal in de Oekraïense hoofdstad Kiev.

De neogotische Sint-Nicolaaskathedraal, gelegen in het centrum van de Oekraïense hoofdstad Kiev.
Afbeelding: De Sint Nicolaaskathedraal in de sneeuw. Het betreft hier een voormalige rooms-katholieke kathedraal in de Oekraïense hoofdstad Kiev. Men bouwde de neogotische kathedraal in de jaren 1899 tot 1909. In 1938 sloten de bolsjewisten de kathedraal.  Nadat het achtereenvolgens de thuisbasis was van de KGB en het als concertzaal fungeerde voor het nationale orgel- en kamermuziekensemble van Oekraïne, werd de kathedraal in de periode van 1978 tot en met 1980 gerestaureerd. Incidenteel viert men er weer rooms-katholieke missen. 
Locatie: De Sint-Nicolaaskathedraal staat aan de rand van het centrum van de Oekraïense hoofdstad Kiev. ©Ronnie Rokebrand.

Neoklassieke schilderkunst

In de schilderkunst grepen de neoklassieke schilders, waaronder de Fransman Jacques Louis David (1748-1825), terug op de oude historieschilderkunst met een heldere compositie en duidelijke lijntekeningen. David kwam na de Franse Revolutie in dienst van de republikeinse regering.

De kroning tot keizer van Frankrijk van Napoleon I in het jaar 1802. Een schilderij van de neoklassieke kunstschilder Jacques-Louis David. Hij schilderde het in opdracht van Napoleon in 1804. Joséphine knielt voor Napoleon tijdens de kroning in de Notre Dame in Parijs. Achter hem zit paus Pius VII.
Locatie: Dit schilderij van Jacques-Louis David hangt in het Louvre Museum in de Franse hoofdstad Parijs.
Afbeelding: De kroning tot keizer van Frankrijk van Napoleon I in het jaar 1802. Een schilderij van de neoklassieke kunstschilder Jacques-Louis David. Hij schilderde het in opdracht van Napoleon in 1804. Joséphine knielt voor Napoleon tijdens de kroning in de Notre Dame in Parijs. Achter hem zit paus Pius VII.
Locatie: Dit schilderij van Jacques-Louis David hangt in het Louvre Museum in de Franse hoofdstad Parijs. Het Louvre ligt in het 1e arrondissement, net ten noorden van de Seine.

Belangrijke gebeurtenissen uit de oudheid schilderde men op het doek en helden toonde men ten voeten uit op het linnen, zoals in het schilderij `De eed van de Horatii’, uit 1784 dat in het Louvre Museum in Parijs hangt.
Jacques Louis David schilderde echter ook eigentijdse gebeurtenissen, zoals het schilderij `Napoleon op de Sint Bernardpas’ uit 1801. 

Napoleon op de Sint Bernardpas, van Jacques Louis David uit 1801. Het hangt n de Galerie Belvedere in Wenen.
Afbeelding: Napoleon op de Sint-Bernardpas, uit 1801 van Jacques Louis David. Het is een van de eerste en beste voorbeelden van een kunstwerk waarin men in de neoklassiek overging naar de eigentijdse historieschilderkunst ofwel het schilderen van historische gebeurtenissen die op dat moment plaatsvonden. Ook is dit een goed voorbeeld van heldenverering, want het is veel waarschijnlijker dat Napoleon in 1796 met een muilezel de bergen overstak. Deze muilezels waren veel geschikter om in die tijd over de Sint-Bernardpas te rijden. Napoleon liet zich, in zijn honger naar macht, vooral als een held portretteren. 
Locatie: Dit schilderij van David hangt in de Galerie Belvedere, een kunstmuseum dat is gevestigd in het barokke Belvedere-paleis (Slot Belvedere) in de Oostenrijkse hoofdstad Wenen.

Zijn leerling Jean Auguste Dominique Ingres ging in zijn voetstappen verder en schilderde onder meer een staatsportret van Napoleon. In de loop van de 19de eeuw legde hij zich ook toe op het schilderen van harems uit de Oriënt, daarmee werd hij een van de voorlopers van het oriëntalisme in de kunst.
In Engeland was het de kunstschilder Sir Joshua Reynolds (1723-1792) die de klassieken als voorbeeld gebruikte voor zijn portretschilderijen. Met een beeltenis van Augustus Keppel uit 1752 vestigde hij zijn naam in Engeland.

Zelfportret uit 1748 van de neoklassieke kunstschilder Sir Joshua Reynolds
Afbeelding: Zelfportret van Sir Joshua Reynolds, geschilderd in circa 1748.
Locatie: Dit zelfportret van Sir Joshua Reynolds hangt in de National Portrait Gallery (NPG), gelegen aan St Martin’s Place in de Engelse hoofdstad Londen.

De in Zwitserland geboren Angelica Kaufmann (1741-1801) schilderde portretten en historieschilderijen. Zij schilderde de vier ovale schilderijen voor de plafonds in de collegezaal van de Royal Academy of Arts. Ieder schilderij toonde één van de vier fundamenten van de schilderkunst: compositie, tekening, kleur en intelligentie of vernieuwing. Ook het schilderij `Venus verleidt Helen om verliefd te worden op Paris’ uit 1790, dat prominent op deze webpagina staat, is van Angelica Kaufmann.

Neoklassieke beeldhouwkunst

Ook in de beeldhouwkunst greep men terug op de voorbeelden uit de oudheid. Een bekend voorbeeld van de neoklassieke beeldhouwkunst is de Italiaan Antonio Canova (1757-1822). Net als de klassieke beeldhouwers was hij op zoek naar het ideaalbeeld van de mens en was hij minder geïnteresseerd in het weergeven van de werkelijkheid. Zijn marmeren beelden toonden het menselijk lichaam in al zijn schoonheid. Zijn beelden waren bijna teder en gevoelig, alsof het niet uit een hard gesteente was gebeiteld. Bekend is zijn marmeren beeld Amor en Psyche dat tegenwoordig in het Louvre Museum in Parijs staat. 

Detail van het beeldhouwwerk Amore en Psiche, uit 1788 van de beeldhouwer Antonio Canova
Afbeelding: Detail van het beeldhouwwerk Amore en Psyche, uit 1788, van de Italiaanse beeldhouwer Antonio Canova. Deze beeldhouwer was bekend om de liefdevolle uitdrukking van zijn beelden en de tederheid die hij in zijn beeldhouwwerken legde, zoals goed te zien is in dit voorbeeld van Amore en Psyche. De afgebeelde figuren gaan geheel in elkaar op. Het beeldt het moment uit dat Amore de stervende Psyche met een kus weer tot leven wekt. Dit wordt op de afbeelding fraai onderstreept door het binnenvallende licht. De afbeelding is gebaseerd op de schelmenroman `De Gouden Ezel’ (Metamorphoses), van de Numidische schrijver en filosoof Lucius Apuleius Madaurensis. Hij schreef deze schelmenroman in het Oud-Latijn in de periode 223-225 na Chr.. Numidië lag in het grensgebied van Algerije met Tunesië. Het lijkt duidelijk waar het sprookje van Doornroosje haar oorsprong heeft. 
Locatie: Dit bekende neoklassieke beeldhouwwerk van Antonio Canova staat in het Louvre Museum. Dit museum ligt in het 1e arrondissement van de Franse hoofdstad Parijs even ten noorden van de Seine.

Ook de Deense beeldhouwer Bertel Thorvaldsen (1770-1844) verkreeg bekendheid. Hij had het vak van kunstenaar deels geleerd van zijn IJslandse vader die houtsnijder was.  Hij ontwikkelde zijn vaardigheden verder door naar Rome te verhuizen, waar hij, net als Canova,  een groot deel van zijn kunstenaarsleven doorbracht. Thorvaldsen was een invloedrijk vertegenwoordiger van het neoclassicisme. Zijn werk werd in sterke mate geïnspireerd door de beeldhouwkunst uit de klassieke oudheid.

Het beeld van Mattheus, van de Deense neoklassieke beeldhouwer Bertel Thorvaldsen. Hij maakte ook enkele beeldhouwwerken in opdracht van Napoleon Bonaparte, net als de kunstschilders uit zijn tijd.
Locatie: Dit beeldhouwwerk van Bertel Thorvaldsen staat in het Thorvaldsen Museum in de Deense hoofdstad Kopenhagen. Hij ligt begraven op het binnenplein van dit museum.
Afbeelding: Het beeld van Mattheus, van de Deense neoklassieke beeldhouwer Bertel Thorvaldsen. Hij maakte ook enkele beeldhouwwerken in opdracht van Napoleon Bonaparte, net als de kunstschilders uit zijn tijd.
Locatie: Dit beeldhouwwerk van Bertel Thorvaldsen staat in het Thorvaldsen Museum. Dit museum ligt op het eiland Slotsholmen, naast het parlementsgebouw Christiansborg, in de Deense hoofdstad Kopenhagen. Bertel Thorvaldsen ligt begraven op het binnenplein van dit museum.

In Frankrijk vergaarde Jean-Antoine Houdon (1741-1828) bekendheid met zijn marmeren portretten en bustes, altijd met een zo natuurlijk mogelijke uitdrukking. Hij vereeuwigde de groten der aarde uit zijn tijd, waaronder Lodewijk XVI, Napoleon Bonaparte, Voltaire, Rousseau, Robert Fulton, en de Amerikaanse presidenten Thomas Jefferson en George Washington. Verder maakte Houdon ook portretten van kinderen en vrouwen, waaronder een fraai portret van de Romeinse godin Diana. Zijn kwaliteiten als beeldhouwer waren onomstreden. Vandaar dat Jean-Antoine Houdon in 1805 werd benoemd tot professor aan de École nationale supérieure des beaux-arts in Parijs.

Deze buste van George Washington van de hand van de beeldhouwer Jean-Antoine Houdon staat in het Los Angeles County Museum of Art ( LACMA ). Het LACMA is een kunstmuseum aan Wilshire Boulevard in de Miracle Mile in de omgeving van Los Angeles. (VS). ©Museum Associates/LACMA.
Afbeelding: Een witmarmeren buste van president George Washington, vervaardigd door de Franse beeldhouwer Jean-Antoine Houdon in de periode 1786-1793. Kenmerkend voor zijn werk is de volstrekt natuurlijke uitstraling van het borstbeeld.
Locatie: Deze buste van George Washington van de hand van de beeldhouwer Jean-Antoine Houdon staat in het Los Angeles County Museum of Art ( LACMA ). Het LACMA is een kunstmuseum aan Wilshire Boulevard in de Miracle Mile in de omgeving van Los Angeles. (VS). ©Museum Associates/LACMA.

Grote afbeelding: Venus verleidt Helen om verliefd te worden op Paris, van de hand van de Zwitserse kunstschilderes Angelica Kauffmann. Zij schilderde dit kunstwerk in het jaar 1790.
Locatie: Dit neoklassieke schilderij hangt in het Hermitage Museum in St Petersburg (Rusland). Het museum is gevestigd in het Winterpaleis, gelegen op de oever van de rivier de Neva.

Collecties

Gooise Galerie

Copyright © 2022. All Rights Reserved

error: Content is protected !!

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.